Het ontstaan van een hodgkinlymfoom

Over de oorzaak van een hodgkinlymfoom is nog maar weinig bekend. Een hodgkinlymfoom ontstaat wanneer een zogenaamde B-lymfocyt, een cel die een belangrijke rol bij onze afweer speelt, zich in het lymfestelsel ongeremd gaat delen. Daarbij verliest de cel zijn functie. Dit kan gebeuren door fouten in de genen, de erfelijke eigenschappen van die cel. Er zijn verschillende soorten genen: genen die zorgen dat een cel zich deelt wanneer dat nodig is, genen die controleren of er fouten in de celdeling optreden, en genen die zorgen dat foute cellen sterven. Wanneer er juist in deze genen fouten optreden, kan een cel zich ongeremd gaan delen. Vaak is er voor ongeremde celdeling wel meer dan één fout nodig en zullen er altijd meerdere genen bij betrokken zijn.

Hodgkinlymfoom ontstaat meestal in een lymfeklier. In een enkel geval ontstaat de ziekte ergens anders in het lymfestelsel, bijvoorbeeld in het lymfeweefsel van de milt, in de lever of in het beenmerg.

Epstein-Barrvirus
Daarnaast lijkt er een verband te zijn met het Epstein-Barrvirus. Dit virus is een herpesvirus (humaan herpesvirus 4 of HHV4) dat in verband wordt gebracht met verschillende ziektebeelden. Het werd in 1964 ontdekt door Anthony Epstein, Yvonne Barr en Bert Achong. Een veel voorkomende ziekte die door dit virus wordt veroorzaakt is de klierkoorts, beter bekend als de ziekte van Pfeiffer. Het virus lijkt een rol te spelen bij het ontstaan van sommige vormen van lymfklierkanker, maar er is nog onvoldoende bewijs om vast te stellen of het Epstein-Barrvirus een oorzaak kan zijn van een hodgkinlymfoom.

Specifieke Reed-Sternbergcellen
Bij een hodgkinlymfoom delen de B-lymfocyten zich ongeremd. De B-lymfocyten veranderen dusdanig van vorm dat ze niet langer herkenbaar zijn als B-lymfocyten. Deze veranderde cellen worden de specifieke Reed-Sternbergcellen genoemd (zie afbeelding). Deze cellen komen alleen voor bij hodgkinlymfoom. Hierdoor is een hodgkinlymfoom goed te onderscheiden van een non-hodgkinlymfoom.

In de lymfeklier bevinden zich voornamelijk normale lymfocyten, maar bij een hodgkinlymfoom liggen daartussen verspreid een aantal grote Reed-Sternbergcellen. Deze cellen scheiden een stofje uit waardoor normale lymfocyten een afweerreactie op gang brengen. Deze reactie zorgt dat de lymfeklier uiteindelijk in grootte toeneemt. Dit kan een lymfeklier in de hals, oksel of lies zijn, maar ook bij de longen of in de buik. In de laatste twee gevallen zal zo'n lymfeklier lang onopgemerkt blijven.

Afbeelding Reed-Sternberg CellenNon-hodgkinlymfoom
Non-hodgkinlymfomen bestaan voor tachtig procent ook uit ontaarde B-lymfocyten. In tegenstelling tot een hodgkinlymfoom is bij een non-hodgkinlymfoom de gehele lymfeklier gevuld met kwaadaardige cellen. Er worden wel meer dan dertig verschillende soorten non-hodgkinlymfomen onderscheiden. Het verschil tussen deze lymfomen heeft te maken met de plaats waar het lymfoom is ontstaan en de rijpingsfase van de lymfocyt.