Hart- en vaatziekten

Informatie over late effecten

Hartritmestoornissen

Een hartritmestoornis kan ontstaan na een behandeling met chemotherapie en/of radiotherapie op de borstkas.

Het hartritme wordt in het hart geregeld door een gangmaker; de sinusknoop. Deze sinusknoop geeft een prikkel af die over het hart wordt voortgeleid. Wanneer deze prikkel verkeerd, te langzaam of te snel is dan kan er een ritmestoornis ontstaan. Het hart slaat dan onregelmatig, langzamer of sneller dan normaal. Een hartritmestoornis is niet altijd ernstig en hoeft daarom niet altijd behandeld te worden. Bij een ritmestoornis klopt het hart soms heel snel. Toch wordt er maar weinig bloed rondgepompt omdat het hart zich niet goed vult met bloed. Hierdoor krijgt het lichaam onvoldoende zuurstof en dat kan klachten veroorzaken. Verder kan een hartritmestoornis op lange termijn de pompfunctie van het hart verminderen.

In sommige gevallen kan een hartritmestoornis toch gevaarlijk zijn en tot een hartaanval leiden. Daarom kan een regelmatige controle van het hart belangrijk zijn, zodat een cardioloog wanneer dat nodig is medicijnen kan voorschrijven.



Wilt u meer weten?
Dan kunt u hier de website van de Nederlandse Hartstichting openen.